ZORGSTRUCTUUR


Snel naar:


In de puberteit wordt de afstand naar de ouders groter, maar de behoefte aan vertrouwdheid ook. Een periode van ruimte en richting geven. In de adolescentie wordt het eigen leven vorm gegeven, vormen van eigen waarden en meningen. Nieuwe relaties worden aangegaan en onderhouden. Een periode van kwetsbaar zijn in het delen van gevoelens. De vraag die centraal staat voor de opgroeiende puber is : “Wie ben ik en wat zijn mijn mogelijkheden?”

De visie van het Dorenweerd College betreffende de zorgstructuur is samengevat: “Stilstaan bij de leerling, zodat deze zich gezien en gesteund voelt, om verdere ontwikkeling mogelijk te maken”. In het begeleiden is het belangrijk dat we achter de leerling staan, de ruimte geven om zelf te ontdekken. Het vertrouwen geven dat je altijd hulp kan vragen en grenzen aangeven als die nog  niet duidelijk zijn.


Mentoraat 
De mentor vormt de spil van de leerlingbegeleiding, bij hem komen alle lijntjes samen. Tijdens het mentorenoverleg kan de mentor een vraag inbrengen. Deze vraag kan enerzijds betrekking hebben op leerlinggerichte zaken zoals:

  • Belemmeringen die de leerling ondervindt op cognitief gebied;
  • Gedragsproblematiek
  • Sociaal-emotionele problematiek

Anderzijds kunnen vragen docentgericht zijn en gaat het over:

  • Intervisie
  • Leren van elkaar

  
Intern zorgteam 
Deze bespreking in het mentorenoverleg kan resulteren in een aanmelding van de leerling bij het intern zorgteam. Dit zorgteam is samengesteld uit de mentor, de afdelingsleider en de zorgcoördinator. Het proces van begeleiden bestaat uit verschillende stappen:           

  1. Signaleren
    De mentor stuurt de lesgevende docenten van de leerling een signaleringslijst . Zo ontstaat een zo volledig mogelijk beeld van de leerling en de hulpvraag.
  2. Diagnosticeren
    De leerling wordt besproken in het intern zorgteam a.d.h.v. de signaleringslijst en er wordt zo nodig een handelingsplan opgesteld
  3. Verwijzen
    Na bespreking  en diagnose kan er een verwijzing plaatsvinden naar remedial teacher, orthopedagoog jeugdarts en/of leerplicht.

De leerling kan worden doorverwezen naar  het  ZAT (zorgadvies- team)  en/ of externe begeleiding. De afdelingsleider brengt de ouders op de hoogte van de verwijzing en de zorgcoördinator coördineert de begeleiding. De begeleider brengt verslag uit aan de ouders. 

De zorgcoördinatoren van de school zijn mw. Lida Jansen en mw. Anneke Hogenkamp.
De remedial teachers van de school zijn mw. Annemiek Papenhuijzen en mw. Madelon Krijnen.


Leerlingendossier 
Het Dorenweerd College verzamelt informatie van alle leerlingen die op school zijn ingeschreven in de leerlingenadministratie. Dit met het doel leerlingen passend onderwijs aan te bieden, zodat zij een diploma kunnen behalen. Hiervoor is informatie nodig om ervoor te zorgen dat de leerlingen zo goed mogelijk begeleid worden bij het doorlopen van de school en waar nodig extra zorg te kunnen bieden. De algemene informatie over leerlingen staat in het leerlingendossier (naam, adres, cijfers, absentie en verzuim, etc).


Zorgdossier
De informatie die nodig is voor begeleiding staat in het zorgdossier, bijv. testresultaten, observaties, afspraken uit leerlingenbespreking en zorgoverleg, resultaten van specifieke begeleiding. Het verzamelen van deze gegevens over leerlingen valt onder de Wet Bescherming Persoonsgegevens. Deze wet is bedoeld om ervoor te zorgen dat de gegevens over personen zorgvuldig worden gebruikt en om misbruik ervan tegen te gaan. Het zorgdossier is daarom alleen toegankelijk voor de begeleiders van een leerling ín de school. Er wordt op toegezien dat gegevens over leerlingen uit het leerling- en het zorgdossier alleen binnen de school worden gebruikt.


Dyslexie
Onderwijs en zorg binnen Dorenweerd College zijn erop gericht dat ook dyslectische leerlingen zich kunnen ontwikkelen in overeenstemming met hun capaciteiten, talenten en mogelijkheden. Er is een dyslexieprotocol ontleend aan het landelijk Protocol Dyslexie Voortgezet Onderwijs. Uitgangspunten zijn: wat heeft deze leerling nodig en hoe kan de ondersteuning maximaal resultaat opleveren met minimale extra inspanning voor de leerling. Dyslexie heeft niet alleen consequenties voor de talen, maar voor alle vakken die een beroep doen op functioneel lezen en schrijven. Niet alle problemen doen zich ( in gelijke mate) bij iedere individuele leerling voor. Er is bij dyslexie altijd sprake van een individu gebonden profiel.

Er is sprake van dyslexie als deze is vastgesteld en gerapporteerd (in de vorm van een dyslexieverklaring met bijbehorende rapportage) door een deskundige, die in het bezit is van een erkende bekwaamheidsregistratie. De geldigheid van een dyslexieverklaring is in principe onbepaald. De verklaring en rapportage dient op school aanwezig te zijn, de zorgcoördinator zorgt voor de registratie en verwijst de leerling door naar de remedial teacher.

Afhankelijk van de aard en de ernst van de dyslexie zijn er ondersteunende, compenserende en dispenserende maatregelen. De remedial teacher adviseert de individuele leerling over het gebruik van mogelijke hulpmiddelen. Iedere dyslectische leerling krijgt een dyslexiepas op maat waarop de specifieke faciliteiten vermeld staan. In het vmbo bestaat in de onderbouw de mogelijkheid om vrijstelling te krijgen voor Frans of Duits. In de havo- en vwo-afdeling bestaat deze mogelijkheid niet. Wel geeft de wet het bevoegd gezag van de school de mogelijkheid om in bijzondere gevallen leerlingen een aangepast lesprogramma aan te bieden voor Frans of Duits. Voor leerlingen met een dyslexieverklaring kan er een maximaal 6 sessies durend individueel begeleidingstraject starten onder leiding van de remedial teacher, gericht op het omgaan met dyslexie in het VO en de problemen die de leerling ervaart. In het tweede jaar kan er een nog een periode RT Duits of een andere taal volgen. In het derde jaar en in de bovenbouw is er nog een periode RT mogelijk, afgestemd op de vraag van de leerling en voor zover er ruimte is. De hulp die door de remedial teacher van de school geboden wordt, is altijd voor een korte periode. Wanneer een leerling voor een lange periode structureel hulp nodig heeft van een remedial teacher, moet een beroep worden gedaan op externe begeleiding.

Voor de klassen in de bovenbouw, 4 mavo, 4 en 5 havo, 4, 5 en 6 vwo gelden onderstaande afspraken. 3 mavo kent ook nog schooleigen toetsen, waarop de maatregelen uit de onderbouw van toepassing zijn. Ons schoolbeleid is: bij schoolexamentoetsen worden geen faciliteiten en hulpmiddelen toegestaan die in het centraal examen niet zijn toegestaan. Kandidaten met een leeshandicap (dyslexie) krijgen een examen dat precies gelijk is aan dat van de andere kandidaten. Voor een kandidaat met dyslexie kunnen de examencondities aangepast worden (artikel 55 van het Eindexamenbesluit) op grond van een rapport van een deskundige, waarin is aangegeven welke maatregelen nodig zijn. Deze aanpassingen betreffen zowel het schoolexamen als het centraal examen.

Voor een kandidaat met dyslexie kunnen de examencondities aangepast worden (artikel 55 van het Eindexamenbesluit) op grond van een rapport van een deskundige, waarin is aangegeven welke maatregelen nodig zijn. Deze aanpassingen betreffen zowel het schoolexamen als het centraal examen. Afhankelijk van de mate, de ernst en het soort dyslexie komen de volgende maatregelen voor: verlenging van de examentijd (voor het CE hoogstens 30 minuten, zie art. 55 2), auditieve ondersteuning of ICT-ondersteuning.

De school heeft een schoolbrede licentie voor Kurzweil waar dyslectische leerlingen die dat nodig hebben gebruik van kunnen maken. Van het programma kan door de leerling zowel op school als thuis gebruik worden gemaakt. De leerling neemt zijn eigen laptop mee naar school om met Kurzweil in de les te kunnen werken.


Ernstige Reken/Wiskundeproblemen en Dyscalculie (ERWD) 
Begeleiding bij ernstige Reken-Wiskundeproblemen en Dyscalculie (ERWD) vraagt meer aandacht. Leerlingen met deze problemen krijgen, indien nodig, extra ondersteuning. Leerlingen met een dyscalculiepas hebben recht op extra faciliteiten (o.a. gebruik rekenmachine/opzoekkaarten). Het beleid t.a.v. ernstige reken/ wiskunde problemen en dyscalculie is gebaseerd het Protocol Ernstige Reken-Wiskundeproblemen en Dyscalculie (ERWD). In schooljaar 2016-2017 volgen enkele rekendocenten scholing zodat zij meer handvatten krijgen de leerlingen met rekenproblemen te helpen. Vervolgens wordt dit gedeeld met de docenten die een reken gerelateerd vak geven.


Zorgadviesteam (ZAT) 

In de school wordt regelmatig over leerlingen gesproken, bijv. tijdens de rapportvergadering, het mentoroverleg en het interne zorgoverleg. Dit overleg is nodig om de vorderingen van de leerlingen te volgen, problemen te signaleren en met de docenten afspraken te maken over leerlingbegeleiding. Voor leerlingen die extra begeleiding of zorg nodig hebben, wordt samengewerkt met externe deskundigen in het Zorgadviesteam (ZAT).

Wanneer een leerling besproken moet worden met deze externe deskundigen, wordt vooraf aan ouder(s)/verzorger(s) toestemming gevraagd. Als de leerling 16 jaar of ouder is, wordt ook aan de betreffende leerling zelf toestemming gevraagd. Volgens de Wet Bescherming Persoonsgegevens heeft u als ouder(s)/verzorger(s), evenals de leerlingen van 16 jaar en ouder, recht op inzage, recht op correctie en recht op verzet. Wilt u meer weten over deze wet, kijkt u dan op: www.cbpweb.nl . Heeft u vragen over het leerlingen- of zorgdossier of over het overleg binnen de school, neem dan contact op met de zorgcoördinator: mw. Lida Jansen (tel.: 026-3397030 of per e-mail: l.jansen@dorenweerd.nl ).


Handicap
Voor toelating van een leerling met een handicap geldt dat per leerling moet worden nagegaan wat de school kan bieden op het gebied van de randvoorwaarden, welke afspraken de school kan waarmaken, waar de grenzen liggen wat betreft de veiligheid voor de leerling zelf en andere personen in de school. Voor een goede begeleiding is contact met ondersteunende instanties noodzakelijk.


Handelingsplan
Voor het begin van de cursus wordt in overleg met ouder(s)/verzorger(s) en de begeleidende instantie een handelingsplan voor de gehandicapte leerling vastgesteld. Aan dit handelingsplan worden een bijlage met de procedure voor overleg toegevoegd en een bijlage met de afspraken over het verblijf van de leerling op school. Dit handelingsplan en de bijlagen worden door beide partijen ondertekend.


Jeugdarts / Jeugdverpleegkundige
De leerlingen in de tweede klas van het Voortgezet Onderwijs (circa 14 jaar) worden opgeroepen voor een preventief gezondheidsonderzoek door arts of verpleegkundige. Ook kinderen in andere klassen kunnen voor een onderzoek terecht bij de jeugdarts (mw. Alice van Woerkom) of jeugdverpleegkundige (mw. Willemijn Koning). Bijvoorbeeld in het geval van veel schoolverzuim. Maar ook als u advies wil over het gedrag van uw kind of als er sociaal-emotionele problemen zijn. Aanmelden kan via mw. Lida Jansen, zorgcoördinator (tel.: 026-3397030 of per e-mail: l.jansen@dorenweerd.nl


Interne contactpersonen
Klik hier voor meer informatie over onze contactpersonen op school, in het geval je als leerling ergens mee zit.


Passend Onderwijs

Lees hier meer over het passend onderwijs en bekijk hier de flyer.


Poster Sociale Media
poster sociale media